Wanneer DIE en wanneer DAT?

28 oktober

Het woordje die verwijst naar een de-woord of naar een meervoud en het woordje dat verwijst naar een het-woord. Ach.., als tekschrijver behoor je dat te weten. Daarom viel me de fout op in deze advertentie.

Hier moet het  zijn: Altijd een matras dat perfect bij je past. Matras is een het-woord. Dus dan gebruik je dat

Soms is het gebruik van die of dat best lastig: 

  • Auping, die/dat matrassen produceert, is niet gelukkig met de fout in  deze advertentietekst.

Naar namen van bedrijven verwijs je met dat omdat het bedrijf onzijdig is. 

  •  Hij sprak over een familielid die/dat in Canada woont.

Hier schrijf je dat. Want het is het lid

Deze zin is pas echt moeilijk!  

  • Hij groeide op zonder gezin of familie dat/die voor hem zorgde.

Hier wordt verwezen naar een het-woord (gezin) en een de-woord (familie). Jammer maar helaas..., daarin voorziet onze taal niet. Wat kun je dan het best doen? Verwijzen naar het laatste woord, dus die. 

Als laatste nog deze die/dat taalkwestie:

  1. Zij bekeken de voorzijde van het pand dat prachtig was. 
  2. Zij bekeken de voorzijde van het pand die prachtig was. 

Zowel zin 1 als 2 is goed. In zin 1 verwijst dat naar het pand. Betekenis: het hele pand was prachtig gerestaureerd. In zin 2 verwijst die naar de voorzijde. Betekenis: alleen de voorzijde van het pand was gerestaureerd.

Toegegeven; ook ik zit af en toe te twijfelen. Maar twijfel is altijd nog beter dan het gedachtenloos fout doen. Twijfel ik, dan pak ik de Schrijfwijzer van Jan Renkema erbij. Of ik zoek online naar hulp. Bijvoorbeeld op de website van Onze Taal